
Wet ruimtelijke ordening
Artikel 6.8
1
Indien ten behoeve van belangen, uitsluitend of mede behartigd door een ander openbaar lichaam dan de gemeente, op schriftelijk verzoek van dat openbare lichaam, dan wel krachtens wettelijk voorschrift bepalingen in een bestemmingsplan of inpassingsplan, een daaraan voorafgaand projectbesluit daaronder begrepen, zijn opgenomen die hogere kosten voor de gemeente ten gevolge kunnen hebben en over de verdeling van deze kosten geen overeenstemming is bereikt, kunnen gedeputeerde staten op schriftelijk verzoek van burgemeester en wethouders dat openbare lichaam verplichten om aan de gemeente een vergoeding toe te kennen, voor zover:
a
de kosten redelijkerwijs niet voor rekening van de gemeente behoren te blijven,
b
de vergoeding niet voldoende anderszins is verzekerd en
c
de vergoeding niet krachtens wettelijk voorschrift is uitgesloten.
2
Het besluit op het verzoek van burgemeester en wethouders wordt genomen nadat het bestemmingsplan of inpassingsplan, een daaraan voorafgaand projectbesluit daaronder begrepen, in werking is getreden.
3
In afwijking van het eerste lid wordt het besluit op het verzoek genomen door Onze Minister dan wel door Onze Minister en Onze Minister wie het mede aangaat, indien het andere openbare lichaam het Rijk is.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.